Hoe bereid je jongeren voor op een toekomst die niemand precies kan voorspellen? Die vraag wordt steeds urgenter nu generatie Alpha het onderwijs instroomt. Deze generatie groeit op in een wereld waarin AI vanzelfsprekend is, geopolitieke onzekerheid toeneemt en oude zekerheden op de arbeidsmarkt verdwijnen.
Volgens Daniëlle Schreurs, toekomstverkenner en generatie-expert bij FutureMap, vraagt dit om een andere blik op onderwijs. De toekomst laat zich minder makkelijk vertalen naar één beroep, één diploma of één vaste loopbaan: “Leid jongeren op voor onzekerheid en niet voor zekerheid”. Dat betekent niet dat alles anders moet, maar wel dat onderwijs scherper moet kijken naar wat jongeren straks nodig hebben. Wie generatie Alpha wil begrijpen, moet verder kijken dan gedrag aan de oppervlakte.
Jongeren als signaal van verandering
Schreurs werkt al tien jaar als trend- en toekomstonderzoeker, met focus op de arbeidsmarkt en het onderwijs. Ze brengt in kaart welke vroege signalen van verandering zichtbaar zijn, waar werkgevers en onderwijsinstellingen op kunnen anticiperen. “Signalen van verandering haal ik uit de maatschappij. Ik kijk naar veranderende waarden, wat gaan mensen belangrijker vinden, maar ook naar nieuwe innovaties en waarom die er zijn”. Jongeren spelen daarin een belangrijke rol. Zij stellen vragen bij wat voor oudere generaties vanzelfsprekend is. Juist die vragen maken zichtbaar waar bestaande systemen beginnen te schuren. “Jongeren stellen kritische vragen in het onderwijs, maar ook op de arbeidsmarkt. Waarom moeten we van negen tot vijf achter een laptop op kantoor zitten? Dat kan toch ook anders? Dat noem ik signalen van verwondering”. Die verwondering is geen weerstand, maar informatie. Ze laat zien waar vernieuwing mogelijk nodig is.
Van zelfredzaamheid naar samenredzaamheid
De signalen die Schreurs ziet, gaan verder dan onderwijs alleen. Na decennia waarin zelfredzaamheid centraal stond, ontstaan er volgens haar steeds vaker initiatieven waarin mensen elkaar opzoeken en gezamenlijk oplossingen organiseren. “Je ziet voorbeelden van mensen die samenwerken om hun eigen energievoorziening te regelen, of bijvoorbeeld om hun eigen zorg te regelen”.
Ook bij jongeren ziet Schreurs bewegingen die iets zeggen over hun behoeften. Sommigen leggen hun telefoon bewust weg of kiezen ervoor geen smartphone meer te kopen. Tegelijk worden zogenoemde ‘granny hobby’s’ populairder, zoals: haken, breien, zuurdesembrood bakken en leesclubs. Dat lijken kleine lifestyletrends, maar ze passen in een bredere zoektocht naar rust, verbinding, aandacht en tastbaarheid.
Opgroeien in een rommelige tijd
Elke generatie groeit op in een eigen tijdsgeest. Die context bepaalt wat jongeren normaal vinden, hoe zij naar werk kijken en welke overtuigingen zij meenemen. Schreurs noemt dat de formatieve jaren: de periode waarin ervaringen sterk doorwerken in de rest van het leven. De omstandigheden waarin iemand volwassen wordt, kunnen dus blijvend invloed hebben op verwachtingen en gedrag. “Je kunt je voorstellen dat als jij in een economische crisis op de arbeidsmarkt komt, jouw houding ten opzichte van werk misschien wel heel anders is dan wanneer jij op de arbeidsmarkt komt terwijl de keuze reuze is”.
Voor generatie Alpha is die context onzeker en onrustig. Zij groeien op met geopolitieke spanningen, schaarste en technologische versnelling. Die onzekerheid raakt kinderen soms al direct in hun dagelijkse schoolomgeving. “Ik had vorige week een call van de basisschool van mijn kinderen waarin de vierdaagse schoolweek ter sprake komt, als ze het niet meer kunnen bolwerken”. Daar komt AI bovenop. Voor generatie Alpha is kunstmatige intelligentie geen nieuwe ontwikkeling die later in het leven verschijnt, maar een vanzelfsprekend onderdeel van de wereld waarin zij opgroeien. “Dit is een generatie die niet beter weet dan dat AI er is. En dat ze er nu al, hoe jong ook, vaak al mee werken”.
AI verandert studie- en beroepskeuzes
AI beïnvloedt nu al hoe jongeren naar hun toekomst kijken. Studiekeuzes worden daarmee niet alleen bepaald door interesse of talent, maar ook door de vraag hoe toekomstbestendig een richting voelt. “Jongeren maken andere keuzes, omdat ze denken: AI zit me op de hielen. Ik ga andere keuzes maken”.
Toch betekent dat niet dat basiskennis minder belangrijk wordt, integendeel. Wie AI goed wil gebruiken, moet kunnen lezen, schrijven, rekenen en beschikken over algemene kennis. Zonder context kun je geen goede vragen stellen, informatie niet beoordelen en technologie geen richting geven. “Ik geloof niet dat AI alles kan overnemen. Ik geloof wel dat het heel belangrijk is dat kinderen een basis blijven hebben op het gebied van lezen, schrijven, rekenen en ook gewoon algemene ontwikkeling. Je hebt context nodig om AI te kunnen voeden. Als die basis er niet is, dan kom je nergens”.
De opgave voor onderwijs is dus niet kiezen tussen basisvaardigheden en toekomstvaardigheden. Het gaat om de combinatie: een stevige basis én het vermogen om die kennis wendbaar in te zetten.
Meer schermbewustzijn bij ouders en scholen
Generatie Alpha groeit niet alleen op mét technologie, maar ook met een groeiende tegenreactie daarop. Waar eerdere generaties soms veel vrijheid kregen in hun schermgebruik, ontstaat nu meer bewustzijn bij ouders en scholen. Steeds vaker klinkt de vraag wat schermgebruik doet met concentratie, welzijn en sociale ontwikkeling. Schreurs ziet dat scholen telefoons buiten de pauzes verbieden en dat ouders kritischer worden. Dat schermbewustzijn hoort bij de context waarin generatie Alpha opgroeit: technologie is overal, maar wordt minder vanzelfsprekend onbeperkt toegelaten.
Van diploma naar aanpassingsvermogen
In een snel veranderende arbeidsmarkt komt ook de waarde van diploma’s onder druk te staan. Niet omdat onderwijs overbodig wordt, maar omdat kennis sneller veroudert en loopbanen minder voorspelbaar zijn. Daarom pleit Schreurs voor onderwijs dat jongeren niet vastzet in één route. Bij generatie Z ziet ze al dat jongeren hun kansen spreiden en verschillende rollen combineren. “Die bouwen micro-carrières. Ik kom drie dagen bij een werkgever werken en daarnaast ga ik misschien nog wel wat ondernemen. Of ik doe nog wat vrijwilligerswerk of ik houd mijn weekendbijbaan nog even aan”.
Voor generatie Alpha wordt dat waarschijnlijk nog belangrijker. Jongeren moeten leren omgaan met verandering, tegenslag en onzekerheid. In een arbeidsmarkt die voortdurend beweegt, wordt veerkracht een doorslaggevende eigenschap. “Niet de beste zijn, maar de veerkrachtigste zijn. Daarmee ga je in de toekomst het onderscheid maken”.
Sociale en emotionele intelligentie wordt belangrijker
Als AI sneller kan rekenen, redeneren en informatie verwerken, verandert ook de vraag welke menselijke vaardigheden in het onderwijs centraal moeten staan. “Dat monopolie op IQ gaan we verliezen, maar ons monopolie op sociale en emotionele intelligentie verliezen we niet”.
Daarom verdienen samenwerken, kritisch denken, creativiteit, nieuwsgierigheid en moreel oordeelsvermogen meer aandacht. Zeker dat morele kompas wordt belangrijker in een tijd waarin technologie veel mogelijk maakt, maar niet bepaalt wat wenselijk is. “Wat is goed, wat is fout? Wat zijn de grijze gebieden?”. Onderwijs gaat daarmee niet alleen over kennisoverdracht, maar ook over leren afwegen, onderzoeken, samenwerken en verantwoordelijkheid nemen.
Praktisch werk krijgt nieuwe waarde
Naast AI ziet Schreurs nog een andere ontwikkeling: praktisch geschoold werk krijgt opnieuw positieve aandacht. De vanzelfsprekendheid waarmee theoretisch opleiden lang als hoogste route werd gezien, begint te kantelen. Sommige praktische beroepen kunnen in de toekomst zelfs robuuster blijken dan functies die sneller door technologie veranderen. “Als kapper heb je misschien meer kans op een baan over vijf of tien jaar dan als communicatieadviseur”. Dat vraagt om een bredere waardering van talent. Niet alleen theoretische kennis telt, maar ook vakmanschap, probleemoplossend vermogen en praktisch inzicht.
Praktisch en theoretisch geschoolden weer verbinden
Die bredere waardering begint al in het onderwijs. Volgens Schreurs worden praktisch en theoretisch opgeleiden vroeg van elkaar gescheiden. Vanaf groep 8 gaan leerlingen verschillende routes in, waarna zij elkaar nauwelijks nog tegenkomen. Die scheiding werkt later door in organisaties en op de arbeidsmarkt. “Als ze elkaar later in het bedrijfsleven tegenkomen, begrijpen ze elkaar vaak niet meer zo goed”. Soms is die afstand zelfs letterlijk zichtbaar. Schreurs noemt een middelbare school waar vmbo’ers en andere leerlingen verschillende pauzetijden hebben. Daardoor ontmoeten zij elkaar niet eens meer in de pauze. Het onderwijs kan die werelden weer dichter bij elkaar brengen door bewuster ontmoetingen te organiseren. “Zorg dat er projecten en werkvormen zijn waarin je elkaar wel tegenkomt. Waarin het respect voor elkaars vaardigheden groeit”. Dat kan op de middelbare school, maar ook tussen mbo, hbo en universiteit. Gemengde projecten helpen jongeren zien hoe verschillende vormen van kennis elkaar aanvullen.
Onderwijs moet ook nee durven zeggen
Die bredere waardering begint al in het onderwijs. Volgens Schreurs worden praktisch en theoretisch opgeleiden vroeg van elkaar gescheiden. Vanaf groep 8 gaan leerlingen verschillende routes in, waarna zij elkaar nauwelijks nog tegenkomen. Die scheiding werkt later door in organisaties en op de arbeidsmarkt. “Als ze elkaar later in het bedrijfsleven tegenkomen, begrijpen ze elkaar vaak niet meer zo goed”. Soms is die afstand zelfs letterlijk zichtbaar. Schreurs noemt een middelbare school waar vmbo’ers en andere leerlingen verschillende pauzetijden hebben. Daardoor ontmoeten zij elkaar niet eens meer in de pauze. Het onderwijs kan die werelden weer dichter bij elkaar brengen door bewuster ontmoetingen te organiseren. “Zorg dat er projecten en werkvormen zijn waarin je elkaar wel tegenkomt. Waarin het respect voor elkaars vaardigheden groeit”. Dat kan op de middelbare school, maar ook tussen mbo, hbo en universiteit. Gemengde projecten helpen jongeren zien hoe verschillende vormen van kennis elkaar aanvullen.
Een onderzoekende houding bij docenten
Om generatie Alpha goed te begeleiden, hebben onderwijsprofessionals een onderzoekende houding nodig. Dat geldt voor docenten, beleidsmakers en bestuurders. AI negeren is geen optie, ook niet wanneer nog niemand precies weet wat de juiste aanpak is. “Ik zeg niet dat je alles moet gebruiken, maar je moet ook niet ontkennen dat het er is, want het is er nou eenmaal”.
De oplossing ligt niet in grote blauwdrukken, maar in kleinschalig experimenteren. Proberen, leren, bijstellen en accepteren dat niet alles vooraf vaststaat. “Op kleine schaal experimenteren, dingen uitproberen om te kijken wat wel en niet werkt. Want niemand weet precies wat wel en niet werkt”.
Dat vraagt ook iets van de professionele houding in het onderwijs. De docent hoeft niet altijd degene te zijn die alles al weet. “De acceptatie van het niet weten is heel belangrijk. Van oudsher wisten docenten alles. Maar we zitten nu in een tijdperk waarin we het eigenlijk allemaal niet zo goed weten”. Daarom waarschuwt Schreurs voor plannen die te veel vastzetten. Onderwijsorganisaties moeten onderzoekend blijven kijken naar wat werkt, wat niet werkt en wat jongeren nodig hebben: “geen dichtgetimmerde tienjarenplannen”.
Betrek jongeren bij verandering
Een onderzoekende houding betekent ook dat jongeren zelf een grotere rol krijgen in onderwijsvernieuwing. Niet alleen praten óver leerlingen en studenten, maar ook mét hen. “Niet van: ik weet het en wat storten we uit over onze leerlingen, maar ook de betrokkenheid van jongeren is belangrijk”. De docent blijft belangrijk, maar de student wordt meer dan ontvanger van onderwijs. Jongeren laten zien wat schuurt, welke vragen leven en welke aannames niet meer vanzelfsprekend zijn. Juist daarin zit waardevolle informatie voor onderwijs dat toekomstbestendig wil zijn. Schreurs ziet al projecten ontstaan waarin leerlingen samenwerken aan uitdagingen. Tegelijk bestaat dat nieuwe onderwijs vaak nog naast het oude. Dat maakt het belangrijk om steeds te blijven vragen welke vaardigheden jongeren werkelijk oefenen en hoe dat hen voorbereidt op een onzekere arbeidsmarkt.
Nieuwe generaties krijgen vaak kritiek. Dat gebeurde bij generatie Z en zal volgens Schreurs ook bij generatie Alpha gebeuren. Die reflex is niet nieuw: volwassenen kijken al eeuwen sceptisch naar jongeren. Toch brengt iedere nieuwe generatie ook iets mee dat waardevol is voor de samenleving. “Ik laat juist vaak zien: elke generatie brengt ook vernieuwingskracht met zich mee. De positieve kant van een generatie en wat ze juist wel meebrengen in plaats van wat ze niet doen”.
Kijk niet sceptisch, maar nieuwsgierig
Voor onderwijsprofessionals begint dat met nieuwsgierigheid. Niet denken dat je jongeren al kent, maar hun leefwereld echt onderzoeken. Wat doen ze online? Waar maken ze zich zorgen over? Welke vragen stellen ze? En wat zeggen die vragen over de toekomst van leren en werken? “Je ziet vaak bij je kinderen of bij studenten misschien wat aan de oppervlakte zit. Maar het is beter en leuker om daar ook even in te duiken”.
Ontdek wat generatie Alpha betekent voor leren, denken en begeleiden
Generatie Alpha vraagt niet om onderwijs dat alle antwoorden al heeft. Deze generatie vraagt om onderwijs dat durft te onderzoeken, keuzes durft te maken en jongeren voorbereidt op verandering. Een stevige basis in lezen, schrijven, rekenen en algemene ontwikkeling blijft noodzakelijk. Daaromheen wordt het belangrijker om te werken aan veerkracht, nieuwsgierigheid, kritisch denken, sociale intelligentie en een moreel kompas.
Wie generatie Alpha wil begeleiden, moet niet alleen kijken naar wat jongeren nog niet kunnen. Kijk vooral naar wat zij zichtbaar maken. Hun verwondering is een signaal dat de toekomst andere vragen stelt dan het onderwijs gewend is.
Tijdens het congres The Next Student deelt Daniëlle Schreurs haar inzichten over de wereld van generatie Alpha en wat dit betekent voor leren, denken en begeleiden in het AI-tijdperk. Wil jij de belevingswereld van deze generatie beter leren kennen én ontdekken welke vernieuwingskracht zij meebrengen? Vraag dan de brochure aan en meld je aan voor het congres!
SBO Blog Het blog van Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid