Home » Onderwijs » Interview met Theodor van der Velde, directeur SKIO

Interview met Theodor van der Velde, directeur SKIO

Leren is een feest. Dat is de eerste gedacht die bij me opkomt als ik praat met Theodor van der Velde, directeur van het Saxion Kenniscentrum Innovatie en Ondernemerschap (SKIO). Het enthousiasme waarmee hij spreekt over zijn eigen leerprocessen en die van zijn studenten en medewerkers werkt uitermate aanstekelijk.

De kunst EN het ondernemen

De aanleiding voor het gesprek is het project De kunst en het ondernemen. Nadrukkelijk de kunst EN het ondernemen, naast elkaar. SKIO nam het initiatief, in samenwerking met ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten en de Kamer van Koophandel. Aanleiding voor het project is de overtuiging dat innovatieve ondernemers veel overeenkomsten vertonen met kunstenaars, musici, ontwerpers en vele andere vertolkers van onze cultuur. Echter, er bestaat nog maar een geringe verbinding tussen deze twee. En dat terwijl bewustwording voor cultuur en ondernemerschap in deze tijd noodzakelijk is.

SKIO heeft daarom (student)ondernemers van Saxion gekoppeld aan kunstenaars afkomstig van ArtEZ. De ontmoeting tussen hen zorgt voor de inspiratie waarmee de kunstenaar aan de slag is gegaan. Het product of de dienst van de ondernemer is naar eigen inzicht van de ArtEZ-student omgeturnd tot een kunstwerk en een mediaproductie, zeg maar the making of, zie www.kunstenondernemen.nl. ‘De ontmoeting tussen deze twee werelden staat daarbij centraal’, staat er in de veilinggids. De kunstwerken werden getoond in een expositie in museum Twentse Welle in Enschede en op 21 maart 2013 geveild. De opbrengst van €3.000,-, kwam ten goede aan KIKA.

‘In dit project kun je veel van mijn leven en mijn werk herkennen’, zegt Theodor. ‘Naar mijn mening moet er in het hbo ergens een mindswitch worden gemaakt. Alle competentieprofielen zijn werknemersgericht, ik wil het werkgeverschap duidelijker profileren in het curriculum, stimuleren dat studenten verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen ontwikkeling op dat punt.

Ik ben ook visiteur en ik zie dat we met veel hagel schieten en dat het systeem, de competentieprofielen en de eisen van het NVAO geen ondernemerschap ademen. De student komt, net van de middelbare school, binnen in het propedeuse jaar en moet dan ongelooflijk veel studiepunten halen om het eerste jaar te overleven. Er is te veel uitval van studenten in die periode en er is weinig aandacht voor ondernemerschap. Maar de verwarring rond het leren leren is al groot genoeg. Ik heb het in ieder geval al voor elkaar gekregen dat in Studielink de vraag naar ondernemerschap wordt gesteld aan alle studenten die zich inschrijven. Een eerste mindset!

Ik stond in de jaren negentig aan de wieg van de Small Business opleiding in Enschede. Dat was hbo nieuwe stijl, studenten passeerden diverse stations in hun ontwikkeling in een onderwijsproces dat werd gestuurd door assessments, assessment driven education heette dat toen. Dat was in vele opzichten zijn tijd vooruit.’

Studenten die gaan ondernemen zijn een feest, een bevoorrechte groep

‘Op dit moment zijn grote aantallen studenten al ondernemer tijdens de studie (in 2013 zijn het er meer dan 500), zelfs enkelen ook al met personeel. Vaak komen ze dan wel uit een ondernemersfamilie; een derde van onze studenten komt uit een ondernemersgezin.

(Student)ondernemers zijn elke dag aan het leren, hun leergeld is hun omzet en klantwensen en klachten. Ze moeten wel wijzer worden, al ondernemend hun ervaring opdoen. Tijdens hun opleiding, als student, wanneer ze nog zonder al te veel consequenties fouten mogen maken, hebben ze op de hogeschool een heel supportsysteem tot hun beschikking met allerlei soorten cursussen, van fiscaliteit tot het opstellen van verkoopvoorwaarden. Ze kunnen probleemloos een interview houden met hun concurrenten. Tijdens hun opleiding bouwen ze een eigen bedrijf op waar ze na het behalen van hun hbo diploma hun werkende leven mee kunnen vullen.

Studenten die gaan ondernemen zijn een feest, een bevoorrechte groep. Ze leren al vroeg om ‘werk te geven’. De docenten worden tegelijkertijd ook gestimuleerd om gebruik te maken van de kennis van hun ondernemende studenten: hoe deed je dat, wat is jouw ervaring hiermee? Het ontwikkelen van onderzoeksvaardigheden is in dat kader ook belangrijk: wat is jouw nieuwsgierigheidsparadigma en hoe geef je dat vorm? Daarom zijn we bezig met het ontwikkelen van engaged scholarship. Ik zie vergelijkbare dingen gebeuren bij alle andere hogescholen. Zij zijn ook actief bezig met het ontwikkelen van ondernemerschap, ik vind dat positief voor ons land.

Ik blijf er wel bij dat de gemiddelde student veel te weinig eigenaar van zijn eigen leren leert te zijn. Het hbo geeft teveel aanbodgericht onderwijs. Studenten bouwen wel een portfolio op, maar dat gebeurt nog teveel volgens een vast stramien van een ander. Er zou meer in moeten zitten: dit is mijn leerstijl, dit zijn mijn bewijzen. Het gaat er om dat je leert dicht op de huid te zitten van je eigen leren, trots leert te zijn op wat je kunt en tegelijkertijd dan ook je zwakheden kunt leren kennen en daar aan kunt werken.

Voor mij zijn er twee belangrijke inspiratiebronnen, die ik iedereen die bij SKIO komt werken ook aanreik:

  • het gedachtegoed over ‘aandacht, etudes in presentie’, van Andries Baart, en
  • Human Dynamics van Sandra Seagal.

Want als je er als docenten en staf onderling al niet mee begint om er over te praten, kun je het ook niet organiseren. In een Human Dynamics training voor lectoren, die ik organiseerde, verzuchtte een collega: ‘Ik heb me nooit gerealiseerd dat ik zo mentaal ben ingesteld, ik begrijp nu beter waarom sommige leerlingen afhaken’. Kijk, daar gaat het mij om, die zelfreflectie.’

Vanwaar die link tussen presentie-denken en ondernemen?

‘Soms snappen we niet waarom ondernemers tot bepaalde beslissingen komen, maar innovatieve mensen zitten heel erg in het hier en nu. Ik noem maar een voorbeeld. Steve Jobs stelde: ‘Technology follows design’. Dat betekende dat hij zich zo inleefde in ‘de klant’ dat nu met gemak een omaatje met zijn design in technologie aan de slag gaat en zit te e-mailen zonder dat ze echt in de gaten heeft wat ze doet. Haar wereld is veel groter en mooier geworden door alle nieuwe contactmogelijkheden.

Datzelfde zie je op een andere schaal ook bij de bakker bij mij in het dorp, hoe hij inspeelt op de behoeften van zijn klant en constant innoveert. Aandacht, ‘to be here’, is een combinatie van veel kennis en veel vlieguren. Want als je het niet weet, dan zie je het niet. Je moet je onderscheidingsvermogen ontwikkelen. Het belang van het oefenen kan niet genoeg worden benadrukt, je moet het leren zien voor het er is.’

Zoals in die documentaire over de voetballer Ronaldo, waar je ziet dat hij scoort op een voorzet die hij maar deels kan zien omdat halverwege het licht wordt uitgeschakeld?

‘Ja, dat aspect wordt in het ho vaak gemist, het oefenen. Weten is belangrijk, maar vlieguren zijn dat ook.’

Je hebt het gehad over functionaliteit en schoonheid, waar ligt voor jou de brug naar kunst?

‘Daar gaat het ook over inspiratie, over het terecht komen in de verbazing. Een collega die momenteel promotieonderzoek doet over innovatieve processen stelt zich ook die vraag: wat is de relatie tussen innovators en kunstenaars? Bijvoorbeeld Mike Kelley, ik bezocht zijn tentoonstelling in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Dan kun je jezelf afvragen, is dat nou kunst? Doeken op de grond? Maar de maatschappelijke relevantie is meer dan ik kan uitdrukken, het feit dat het er mag zijn is, om te beginnen, al een rijkdom, het werk van Kelley heeft zoveel naklank in andere kunst, in design, in business. Hij, de kunstenaar, maakt ons wakker met een verrassende kijk op een thema, dat is ongelooflijk belangrijk.’

Het gaat dus om een andere definitie van waarde?

‘Onze beschaving wordt er beter van. Als je nu ook ziet hoe Russische dorpen in verval raken, terwijl Rusland een enorm rijke cultuur heeft. Daar is veel respect voor wat mensen in de traditie aandragen. Dat moet je koesteren. Je ziet het in zoveel oude culturen, die van de Kelten, van de Maya’s, die tonen ons uitingen van hun beschaving. Opleidingen worden nu zo ver uitgekleed dat er nauwelijks ruimte is voor kunst en cultuur. Daar moet je jezelf in leren onderdompelen, je uit je comfortzone laten halen, dan zit overal inspiratie in.’

Ligt de verbinding tussen kunst en ondernemen in verbeeldingskracht?

‘Van huis uit ben ik econoom, ik weet dat getallen verhalen vertellen. Kunstenaars kunnen je daarbij helpen met hun verbeeldingskracht. En ik geloof in het toeval. Voorbeeld? In 2010 raakte ik tijdens een conferentie over economie en stad in het Kurhaus aan de praat met iemand van de gemeente Deventer. Hij wilde beleid ontwikkelen voor startende ondernemers. ‘Dan geef ik je nu een idee’, zei ik, ‘zet studenten in een multidisciplinair team van jonge mensen en maak ze incubatorsupporters, die tezamen steun verlenen aan startende bedrijven. Zo kun je een nieuwe incubatorvorm opbouwen en in 2015 organiseer je de jaarlijkse business incubator conference van NBIA in Deventer, want dan heb je wat te vertellen’.

De conferentie begon, ik vergat het gesprek. Na een tijdje bleek die muis een staart te krijgen, er ontstond contact tussen de wethouder en bestuurders van Saxion en sinds oktober 2012 zit in dit gebouw in de Gooszensstraat het Startershuis, met subsidie van de provincie. Net als in Enschede in het smart business center, kun je hier afstuderen in je eigen bedrijf. Wij vinden het daarbij belangrijk om studenten te blijven volgen en faciliteren.’

Praten met Theodor is net wildwater kanovaren, ook bij hem zit zichtbaar overal inspiratie in. Om maar een indruk te geven van de onderwerpen die daarna nog de revue passeerden: over het belang van proeftuintjes, van experimenteerruimte, ook in het onderwijs. Over een nieuwe OER. Over innovatie vouchers, leningen aan studenten omzetten in participaties. Weer over engaged scholarship. Over het Startershuis, over cellen en systemen, over burgerschap, over Eckhart Wintzen, over Adam Smith, over leren en gelijkzijdige driehoeken. Genoeg stof tot overdenken!

Interview door Ine van Emmerik
Dit interview is verschenen in vakblad Expertise, mei 2013

Lees of print hier het complete interview (PDF)

Meer weten over beleid in het Hoger Onderwijs?

Kom op 26 en/of 27 november naar het 17e Nationaal Hoger Onderwijs Congres in Amstelveen. Tijdens deze dagen worden de belangrijkste HO ontwikkelingen besproken.

 

Over sbo

sbo
Het Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid (SBO) organiseert jaarlijks zo’n 200 studiedagen en opleidingen over o.a. ruimtelijke ordening & milieu, bestuur, verkeer & vervoer, sociale zekerheid, onderwijs en gezondheidszorg.

Bekijk ook

Van externe begeleiding naar interne begeleiding

Wanneer de zorg voor een leerling op school de mogelijkheden van de school overschreed, kon …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *