Door Bibobo-specialist Mark Albers, ondersteunt het openbaar bestuur bij de aanpak van ondermijning en de toepassing van de Wet Bibob.
De complexiteit bij het toepassen van de Wet Bibob neemt toe. Uit het jaarverslag van het Landelijk Bureau Bibob blijkt dat het moeite kost om hun adviezen op tijd op te leveren. De kwaliteitscommissie Bibob constateert dat de toegankelijkheid van die adviezen voor bestuursorganen nog verbeterd kan worden. Toch ben ik hoopvol gestemd: als de juiste kennis aanwezig is, wordt Bibob nog steeds succesvol toegepast. En dat is goed nieuws voor de integriteit van het openbaar bestuur.
Complexiteit onderzoeken neemt toe
Na de wetswijziging van 2020 zijn de eigen onderzoeksmogelijkheden van bestuursorganen fors verruimd. Vanaf dat moment kunnen zij over meer spelers in de omgeving van de vergunningaanvrager of transactiepartij informatie opvragen en ook bij meer instanties. De verwachting was dat daarmee een deel van de druk op het Landelijk Bureau Bibob (LBB) weggenomen zou worden. Uit de WODC-evaluatie blijkt dat een deel van de bestuursorganen inderdaad zelf meer onderzoek doet en zelf gevarenconclusies trekt. Tegelijkertijd blijft er een vrijwel constante vraag om adviezen van het LBB. De aanname is, dat we complexere risico’s in kaart brengen en dat het LBB vervolgens meer onderzoek moet doen. Dat betekent een verschuiving van hun rol.
Landelijk bureau heeft vaak meer tijd nodig
Bestuursorganen hebben vaak zelf een termijn van ongeveer acht weken om een aanvraag te behandelen. Een adviesaanvraag bij het LBB schort die termijn op. Uit het jaarverslag van de het LBB en de rapportage van de kwaliteitscommissie Bibob blijkt dat de standaardtermijn van acht weken voor het afgeven van hun advies vaak wordt overschreden. Zelfs met de vier weken verlenging waar ze een beroep op kunnen doen haalt het bureau vaak de deadline niet. Dat betekent dat je als bestuursorgaan weinig tijd overhoudt om het advies te beoordelen en je uiteindelijke besluit te nemen. In de beperkte tijd die je rest uit je eigen termijn moet je de vergewisplicht vervullen en het effect van de gevarenconclusie wegen op evenredigheid van het besluit. Dat vraagt om voorbereiding van de besluitvorming parallel aan het onderzoek van het LBB tussen Bibobcoördinator, LBB en het bestuur.
Het werkproces rond Bibob verandert
De toenemende mogelijkheden voor eigen onderzoek hebben al geleid tot een professionaliseringsslag in het werkveld. Het eigen onderzoek heeft een volwassen karakter gekregen. Veel gemeenten trekken inmiddels zelf gevarenconclusies. Het LBB is meegegaan in die beweging en heeft de communicatielijnen met het veld verbeterd. De kwaliteitscommissie geeft hun daar zelfs een compliment voor. Tegelijkertijd valt op dat in een aantal gevallen het LBB het eigen onderzoek van het bestuursorgaan maar beperkt lijkt te gebruiken. Daar zou nog voordeel te behalen zijn voor een betere afstemming tussen LBB en bestuursorgaan, wat de doorlooptijd van de besluitvorming kan verkorten.
Uitdagingen op informatieverstrekking
Gemeenten, provincies en andere bestuursorganen ervaren dat het lastig is om informatie verstrekt te krijgen van hun partners in de opsporing. Datzelfde geldt voor het LBB, terwijl de partners informatie aan het LBB moeten verstrekken. De kwaliteitscommissie vraagt daar dan ook terecht extra aandacht voor. Hun zorg over de aanpassingen van het Bibob-vragenformulier, waarin nu alleen informatie over het strafverleden van de betrokkene zelf gevraagd wordt, deel ik ook. Voor het beoordelen van het integriteitsrisico nemen we immers ook de zakelijke omgeving van de betrokkene en de financiering mee.
En toch zie ik hoop
Dankzij de aandacht voor de beperkingen en zorgpunten kan ik stellen dat het in het algemeen goed gaat met het toepassen van de wet Bibob. De grootste uitdaging hebben kleine gemeenten, bestuursorganen die net zijn begonnen met de toepassing of die slechts af en toe een onderzoek doen. Want het opstellen van een gevarenconclusie vraagt om ervaring. Ervaring in het op het juiste moment betrekken van het bestuur, het afwegen of een adviesvraag aan het LBB nodig is en ervaring met het opstellen van de gevarenconclusie en het besluit zelf. Dankzij de RIEC’s en het LBB is een serie aan basistrainingen beschikbaar, waarvan ruim gebruikgemaakt wordt. En specifiek voor Bibob Coördinatoren hebben we de opleiding Bibob Coördinator beschikbaar die ingaat op voorgaande ontwikkelingen en die helpt om inzichten en ervaring op te doen en te delen.
Bronnen
- Jaarverslag Landelijk Bureau Bibob 2025
- Jaarverslag kwaliteitscommissie Bibob
- Het WODC-onderzoek naar de aanpassingen van de wet Bibob in 2020 en 2022
- De zorgen in binnenlandsbestuur
- Lees ook de reactie van Jorg Heemskerk, van Hekkelman advocaten op LinkedIn.
Hij is een van de docenten in de opleiding Bibob Coördinator
Op zoek naar meer verdieping over de toepassing van de Wet Bibob in de praktijk?
Juist nu de toepassing van de Wet Bibob zich blijft ontwikkelen, is het belangrijk om kennis, vaardigheden en praktijkervaring up-to-date te houden. Tijdens de opleiding Bibob coördinator doorloopt hoofddocent Mark Albers in slechts 5 dagen het hele Bibob-proces aan de hand van deze modules:
- Toepassing van de Wet Bibob in de praktijk
- Financieel onderzoek
- Actualiteiten, rijksbeleid en nieuwe relevante wet- en regelgeving
- Beroep en Bezwaar, advisering van de burgemeester
- Gesprekstechnieken bij waarheidsvinding
Start 29 oktober 2026 – 18e editie – Met een 8 beoordeeld!
SBO Blog Het blog van Studiecentrum voor Bedrijf en Overheid
